Posts in de categorie « tuin»:

mei 29 2008

Mijn Restaurant: de uitslag

update:
Jelle en Micheline zijn de winnaars van Mijn Restaurant geworden
Verrassend, maar de Limburgers waren de voorbije dagen misschien te druk bezig met Oud-Rekem als dorp van het jaar te laten verkiezen om ook nog massaal voor Exquisa te stemmen. Kent het Limburg-gevoel dan toch zijn limieten? Het spannendste van de finale uitzending was misschien nog wel het kleedje van Rani, en de manier waarop ze een nipple slip wist te vermijden…

Die uitslag, eerlijk gezegd, kan me gestolen worden. Of roest aan mijn reet. Want – net nu de ontknoping nadert en het programma dus het allerspannendste zou moeten zijn – kan het me niet al te veel meer schelen of Yanaïka en Stephanie, dan wel Jelle en Micheline het gaan worden.

Sterk begonnen, maar gaandeweg toch heel wat minder sterk geworden, is mijn mening over dit programma.
In het begin viel het beslist op. Sterke casting, sterke settings, goeie jury. Maar de jury had niks te zeggen. Culinair werd ondergeschikt aan al de rest. De boeiende karakters van de deelnemers hielden het recht, maar het werd langzaamaan een sms-oproepfestijn van dertien in een dozijn. Elke week een beetje leger. Realityprogramma als een ander.
Met weinig inzet bovendien, want al snel bleek ook dat de afvallers geen bestaan in de goot boven het hoofd hangt, wel het vooruitzicht van overname van een goed draaiend restaurant met droompubliciteit.

Too bad…

Pietel’s ergernisrant over “televotingsucks” was meer dan terecht, zij het met een verkeerd gekozen vijand in de Limbabwanen. De vijand van een rechtvaardige uitslag zit niet in Hasselt, Genk of Sint-Truiden, de vijand zit in de hoofdkantoren van televisiezenders in Vilvoorde en de Reyerslaan. Waar steeds driftiger het hooglied van de melkkoe van de telecom wordt gezongen.
Als je het oordeel voorlegt aan het publiek, een keuze tussen Exquisa en Matizze, tussen Ishtar of Sandrine, tussen de Boekentoren of de Stroopfabriek, tussen Deurle of Oud-Rekem, dan is er geen uitslag de juiste of de foute. Dan is de uitslag de uitslag. Net als in de politiek.

Naar verluidt wordt er al ijverig gewerkt aan de opvolger, die zou gaan tussen mensen die een “bed & breakfast” willen opstarten. “Mijn B&B” of zo, met Francesca Vanthielen als zwaaister met het pepervat
Leuk. Kunnen we via SMS naar 3274 onze mening kwijt over wie volgens ons het lekkerste zachtgekookte eitje kookt of het schoonst het bed heeft opgedekt. 75 cent per bericht. Jihaa!

update: naam van dit nieuwe programma wordt “Wij zijn weg”, want de bed & breakfast wordt in het zonnige buitenland opgestart. Een kruising tussen “Mijn Restaurant” en “De Werf”, een ander programma dat Francesca Vanthielen presenteerde in 2004 en 2006 (Waar het lesbische koppel wél won. En waarvan de sponsor – ARB Woningbouw – ondertussen allang failliet is).

In Wij Zijn Weg volgen we vier koppels die op een romantische plek in het zuiden van Europa hun eigen bed&breakfast uit de grond proberen te stampen. Ook in dit format starten de deelnemers met een krot dat ze moeten omtoveren. Er worden plannen gemaakt voor de verbouwing en ze moeten soms een beroep doen op plaatselijke vaklui, die niet altijd hun afspraken nakomen. De koppels worden beoordeeld door een vakjury, het slechtst presterende duo valt af. Ook houden de leden van de geheime dorpsraad de deelnemers goed in de gaten. Hun stem telt even zwaar als die van de vakjury. Uiteindelijk bepaalt de dorpsraad wie de Bed and Breakfast wint.


mei 26 2008

Leve de Libelle

Ja, Dag Allemaal. Ik zou hier natuurlijk kunnen meeheulen met de bloggers in het bos, zo doen van “hoera hoera” omdat een blogster uit het Rijk der Vrouw meewerkt aan de nieuwe Story. Daar doe ik dus per definitie niet aan mee…
Liever rapporteer ik hier met enige Flair over mijn liefde voor Libelle.

Deze libelle meerbepaald:

Blauwe libelle

Of deze twee (allebei mannetjes, de wijfjes zijn een stuk bleker).

Waterjuffer

Libellen van het soort waterjuffer, en meer bepaald de “azuurwaterjuffer” (coenagrion puella).

Opgepast: niet te verwarren met de “watersnuffel” (Enallagma cyathigerum). Die er 99% hetzelfde uitziet, maar iets meer blauw dan zwart heeft in de plaats van iets meer zwart dan blauw. Maak die reusachtige fout alsjeblieft nooit… dat is zoals de nieuwe Dag Allemaal en Story verwarren.

En eigenlijk hadden hier foto’s moeten staan van de jonge waterhoentjes die dit weekend zijn uitgekomen (twee families met voorlopig elk twee zwarte kuikentjes op hoge poten). Maar daar zat geen publicatiewaardig materiaal tussen, helaas. Schuwe beesten…
Vandaar dat mijn lens dichterbij focuste op wat libellen.
Hopelijk draait een volgende poging beter uit, dan zitten er misschien ook al wilde eendjes bij (daar heb ik ook nog een nest van ontdekt op de oever van onze vijver). Dat houdt u dan nog tegoed.


mei 16 2008

Kat en muis

Toen we gisterenmiddag van het schooltje terugkwamen, kwam onze poes Mirre trots aangelopen met haar nieuwste vangst: een piepklein muisje. Dat ze dan geheel Tom & Jerry-gewijs weer losliet om er dan weer achter te kunnen jagen. Het leefde dus nog, piepte wiii-gewijs. Maar voor hoelang? Met fluwelen pootjes en scherpe nagels werd er met het muisje gesold. Mooi wreed.

Kat en muis

Dat was buiten de gevoeligheid van onze kinderen gerekend. Papa werd aangespoord de muis te redden. Maud gilde wiii-gewijs de muis achterna. Daan begon bijna te wenen. Dus werd er maar ingegrepen in de natuur.
De prooi werd van het roofdier afgepakt, schade opgemeten (enkel haar oortje zag er wat verfromfraaid uit), gestreeld. Een doodsbang schattig muisje blijkt geen margrieten te eten, zo bleek. Wreed mooi.

Muis, gered

De poes kreeg een kommetje melk en werd daarmee achter slot en grendel gelokt. En de muis werd plechtig naar het bos gedragen, waar ze een nieuwe woonst kreeg onder een stapel takken. Een tweede leven?
En de poes mocht ’s avonds nog eens naar de muis kijken. Op het computerscherm. Nja-ja-jaja-ja. Ook wreed dus.


mei 5 2008

Papmoe

Pap. Als in ik kan geen pap meer zeggen.
Moe. Als van moedeloos over een burenruzie over een paplaurier. Onze paplaurier. Die ze stonden te kortwieken toen we thuiskwamen van een dagje aan zee en de speeltuin bij Gustave Siska in Knokke-Heist. Dat hij over de schutting groeide. En het nemen van een bocht bemoeilijkte. En wij van dat ze dat ook gewoon hadden kunnen zeggen tegen ons. In plaats van het heft (een kettingzaag) in eigen hand te nemen. En zij van dat wij onze borders niet goed verzorgen. En dat er netels groeien. En wij dat wij dat echt wel aanpakken, maar dat wij twee jaar geleden een neteltuin gekocht hebben. En zij van dat ik zeker ne groene ben? En zij van dreigen met de vrederechter, en wij van dreigen met de pliesie te bellen. En wij van bol het nu maar af en we zullen er werk van maken en dat ze het de volgende keer dat er iets hen hindert het alstublieft komen zeggen in plaats van er met de botte bijl in te vliegen.

Moe als van doodmoe na een slapeloze nacht. Bloeddruk. Ruzie maken, woorden wisselen: het is aan mij niet besteed. En dat over een paplaurier, begod. Ik vind dat dus domme planten. Zeker geen ruzie waard.

Moe van toe te geven. En gisteren dan de paplaurier te vellen, want op dat punt hadden ze gelijk: hij was al 2 meter over de schutting uitgegroeid. Dat was op een uurtje geklaard. En dan de takken te hakken in kleine mootjes. Aanmaakhout. Met een alligator (een soort elektrische mini-kettingzaag met klauwen van Black&Decker – lag in de Gamma in aanbieding – die takken tot 10 centimeter moeiteloos vermaalt) en de hakbijl. Geen einde kwam er aan. Aan het einde van de avond kwam buur zijn excuses maken. Dat hij te driest is. En impulsief. En dingen gezegd had die hij niet moest zeggen. En dat er in ons straatje maar vier mensen wonen, en dat het te zot is daar ruzie mee te hebben. En kwam het toch nog een beetje goed.

Pap ook van pap als in papfles. Het enige was Maud (nu 1 jaar en 6 maanden) nog eet. Geen patatjes, fruitjes, zelfs geen koeken of godbeware snoep. Alles behalve pap is momenteel nee en njet en vooral “da!”. Want ze wil al zoveel zeggen en hebben en krijgen en doen. En ze kan het nog niet zeggen. Frustratie.
Moe gelukkig nog niet moe als in blogmoe. Aleen een beetje druk met al die pap in en om het huis om de blogpostfrequentie op peil te houden.


apr 28 2008

De ideale grasmachine

Het voorjaar is weer losgebarsten, en daarmee ook weer de miljoenen welig woekerende plantjes die wij niet onkruid, maar gras en gazon noemen.
Swell. Niet langer kan er op rustige zondagnamiddagen op ons lui gat gezeten worden… Nee. Als de zon schijnt, moet deze modale Vlaming uit zijn fermettekot komen en het gras gaan afmaaien.
Hard labeur, zweten in de zon, laweit met hopen … tenzij je er het juiste machine voor koopt.

Mijn machtige machine: een bolleke wol genaamd Trees.

Trees maait het gazon

Technische specificaties:

Bouwjaar: 2006
Motorkracht: naar schatting een halve pk (een duw van een schaap is echt wel een duw, nietwaar Bart?)
Brandstof: groene biobrandstof (hier past een Steelband met de hit “kleine grasjes, grote grasjes, doe ze in je grasmasjien”)
Smering: regelmatig vers drinkwater
Decibels: bij geblaat wegens honger een slordige 80dB. Voor de rest geruislozer dan de meest geruisloze Robomow of grasrobot op de markt.
Onderhoud (en nieuwe banden): In de winter regelmatig stro voor op de grond en dagelijks hooi voor in de mond geven.

Opstartprocedure.

Men slaat een paaltje in de grond. Op een plaats in de gazon waar het gras te lang staat naar uw goesting.
Men neme een koord met halsband. Men gaat in de schapenweide, biedt de koord aan het schaap (eerste maal lokken met wat voer, later biedt het schaap zichzelf aan). Eenmaal op die manier geprepareerd wandele men met dit schaap naar het paaltje.
Men legge een stevige knoop op een afstand schaap-paal die verhindert dat er naast een keurig afgegeten gazon ook even keurig afgegeten tuinborders onstaan.
Men neme afscheid van het schaap met een klopje op de kop en de woorden “smakelijk eten, Trees”.
In dit stadium van de procedure gaat de eigenaar op zijn lui gat zitten, met een Duvel in de hand, in een comfortabele tuinstoel.
’s Avonds of bij slecht weer niet vergeten deze procedure in omgekeerde richting te herhalen (Duvel binnenzetten, dan schaap terug naar weide leiden).

Voordelen:

  • milieuvriendelijker en stiller dan dan de meest geavanceerde zit- of trekmaaier met Honda, Briggs&Stratton of andere moeizaam opstartende lawaai- en benzinezuipfunctie.
  • gratis meegeleverde bewakingsfunctie: kom “op mijn erf”, en de schapen verwittigen mij en de buren van uw aanwezigheid.
  • produceert wol (waarde naar schatting 1 per jaar voor een schaap. Kostprijs voor die 1 aan wol er af te scheren: 10. Elluk voordeel hp zijn nadeel, sjekers?)
  • produceert kleine grasmaaiertjes, als je er de herfst een bok bijzet (wat wij nog niet deden, wegens niet genoeg grond om nog meer hongerige schapenmonden te voeden).
  • staat schattig

Nadelen:

  • de mulch functie van het model grasmachine genaamd schaap dat ik heb staat niet 100 procent op punt. ’s Avonds bekom je een proper gemaaid rondje, maar met keutels. OMG, DIE DINGEN DOEN KAKA! Best de restanten dus verwijderen middels een schep en emmer, waarbij uw kinderen niet zullen nalaten rond u fladderen, mee op zoek naar eventuele overgebleven exemplaren op hun voetbalveld.
  • onzuivere brandstof of rondvliegende insecten leveren soms mankementen van de machine op (diarree bij vergeten te ontwormen, rotkreupel, blauwtong, myasis …), die de prijs van het onderhoud enigszins opdrijven.
  • dit model wenst ook gevoed te worden in de seizoenen dat het gras niet of nauwelijks groeit. Stockeren op zolder tijdens de winter is dus geen optie, als je wil dat je grasmachine in de lente nog bedrijfsklaar is. Je hebt er dus wat plaats voor nodig.

apr 23 2008

Speeltuig

Mensen vragen me wel eens of ik ook af en toe iets serieus doe, zo tussen dat speculaaspasta-verkopen of toekomstvoorspellen of quizzen met blote bv’s in. Het zal u verbazen, maar het antwoord is: ja. Of toch: soms.

Om maar te zeggen dat hier de voorbije weken volop is geboord, gezaagd, geschroefd en geschaafd. Dat er werd gemeten en gepast. Gaten in de grond geboord, en weer opgevuld met snelbeton. Gezeuld werd met zware houten balken en planken. En dat het doel van al dat hard labeur spel en vertier voor de volgende generatie was.

Speeltuig, in aanbouw

Jazeker, huize H. heeft nu ook een speeltuig. Gemaakt met de balken en planken die een jaar of 15 geleden dienden voor nichten en neven. Getransporteerd vanuit de Kempen (Gierle) naar de Vlaamse Ardennen (Balegem).

Het oorspronkelijke speeltuig was een toren met dak en glijbaan, een loopbrug, een klimrek en een dwarwsbalk met schommels aan. Niet alle grote palen waren echter nog in even goede staat, daarom hebben we hier maar zelf een ontwerp bedacht. Een huisje onder een eerste platform (1 meter 10 hoog), een tafel met banken onder een tweede platform (1 meter 40 hoog) met daaraan de glijbaan. Daartussen een loopbrug.

Speeltuig, afgewerkt

Dicht bij het huis, want het doelpubliek van dit bouwsel is voorlopig nog wat te klein om al volledig ongesuperviseerd te klimmen en te glijden.

Een schommel hebben we al hangen in het bos. Volgende plan: een takkenhuis of -hut in de fruitboomgaard. En zo wordt dat hier ook langzaamaan een tuin annex kinderparadijsje

Een paar leuke voorbeelden van waar we naar toewillen vind je in AnneTanne’s reeks over kindvriendelijke tuinen, of bij Eigenwijze Tuinier Bart

I’ll keep you posted…


apr 1 2008

Wil u uw dioxine zacht of hard gekookt?

ei

Geen leuk nieuws in de krantenkolommen vandaag: de meeste kranten openen met een kop als “Te veel dioxine in eieren van eigen scharrelkippen”. Ik vermoed niet dat dit de n april-grap van dienst is.

Dat blijkt uit een nationaal onderzoek onder leiding van het Wetenschappelijk Instituut Volksgezondheid (WIV). Onderzoekers van de universiteiten van Gent, Antwerpen en Luik en het Centrum voor Onderzoek in Diergeneeskunde en Agrochemie (Coda) analyseerden vorig jaar in het hele land honderd monsters bij particuliere kippenhouders, zowel in de lente als in de herfst. De resultaten zijn zorgbarend. De eieren bevatten gemiddeld drie tot vijf keer meer dioxines dan de toegelaten Europese norm van 3 picogram TEQ per gram vet. Ze bevatten ook te veel dioxineachtige pcb’s en – in mindere mate – zware metalen, zoals lood. In enkele eieren werd ook het gevaarlijke insecticide DDT gevonden, dat al jaren verboden is. De hoge waarden werden in het hele land teruggevonden, niet alleen dicht bij industrile gebieden.

Als “particuliere kippenbezitter” die zijn eigen “productie consumeert”, iets om toch serieus van te schrikken.

Het voedselagentschap had hiervoor nochtans in 2003 al gewaarschuwd (pdf), leer ik nu.

In november en december 2002 werd het Wetenschappelijk Comit door het Federaal Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen aangezocht om een advies uit te brengen omtrent de hoge dioxinegehalten die werden aangetroffen in eieren van door particulieren gehouden kippen. Die gehalten overtreffen de gehalten die worden gevonden in eieren van kippen uit professionele gesloten (batterijen) en open (vrij uitloop) bedrijven ongeacht of het gaat om bedrijven met een biologische of gangbare productie.

Naar redenen was het toen zoeken:

Uit de in de wetenschappelijke publicaties vermelde gegevens blijkt dat de besmetting van de eieren van scharrelkippen zijn oorsprong kan vinden in de besmetting van de bodem waarin de kippen scharrelen. De besmetting kan het gevolg zijn van een rechtstreekse inname van besmette grond maar kan ook onrechtstreeks worden veroorzaakt door de inname van bepaalde organismen zoals insecten, regenwormen, die in de grond voorkomen en die bijgevolg zelf besmet zijn met deze stoffen die zich in het biologisch milieu kunnen accumuleren.

En het verschil tussen eitjes van particulieren of van de bioindustrie:

Particulieren verschillen in die zin van bedrijven dat zij uitgedrukt in oppervlakte per kip over een relatief grotere uitloop beschikken. De kippen zouden daardoor over meer mogelijks besmette planten en bodemorganismen kunnen beschikken. Particulieren kunnen ook methoden toepassen die enerzijds kunnen leiden tot een hogere besmettingsgraad van de bodem in het kippenhok (verbranding van huishoudelijk afval, aanvoer van as) en anderzijds de opname bevorderen van voedsel dat betrekkelijk meer dioxines bevat (verstrekking van vet afval van dierlijke oorsprong).

Ook in Nederland waren al gelijkaardige conclusies getrokken.

“De gevaarlijke verbindingen in graseitjes komen dus vooral via het leefmilieu in kippen terecht. Ook als er op een bedrijf weinig dioxines en PCBs in de bodem zitten kunnen de eieren hogere concentraties bevatten dan Brussel toestaat, zegt Hoogenboom. We kunnen niet zeggen waar de dioxines en dioxine-achtige PCBs nu precies vandaan komen. We hebben de verbindingen in de eieren geanalyseerd, maar de samenstelling verklapt weinig over de herkomst, behalve dan dat ze man-made zijn, en zijn ontstaan in verbrandingsprocessen. Het is mogelijk dat de bedrijven zelf jarenlang onbewust hun land hebben verontreinigd met kolengruis of sinters. Het is ook mogelijk dat de verontreiniging van vuilverbrandingsinstallaties afkomstig is. In sommige gebieden zijn de concentraties zelfs zo hoog dat we vermoeden dat daar iets bijzonders aan de hand is. In het Belgische Menen vonden de Belgische onderzoekers bijvoorbeeld eieren die een factor vijftig meer PCBs bevatten dan de norm toestaat. De bron is een vuilverbrandingsinstallatie.”

En over de risico’s van PCB’s voor de volksgezondheid:

Het eten van eieren die meer dioxines bevatten leidt niet direct tot schade voor de gezondheid, beklemtoont Hoogenboom. “Stel: je hebt scharreleieren die per gram vet 10 picogram TEQ bevatten. Als je elke dag twee van zulke eieren eet dan zit je aan je maximale dagelijkse inname. Kom je daar een keer boven, dan zul je heus niet ziek worden. Maar het probleem met dioxine-achtige verbindingen is dat ze het lichaam niet meer verlaten: ze hopen zich op. Overschrijd je continu de maximale inname, dan kun je op termijn ziek worden. De normen zijn bedoeld om die accumulatie van dioxine-achtige verbindingen in het lichaam af te remmen.” Over de precieze risicos van dioxines in voeding is nog weinig bekend, maar wetenschappers vrezen dat ze kunnen leiden tot aantasting van het immuunsysteem en het leervermogen, en de kans op sommige soorten kanker verhogen.

De Belgische onderzoekers zijn iets pessimistischer in hun uitlatingen over de gevaren van deze eitjes op je gezondheid:

‘Dit is geen tweede dioxinecrisis, omdat de eieren niet in het commercieel circuit terecht komen. Paniek is dus niet nodig. Maar er is wel sprake van mogelijk grote gezondheidsrisico’s’, zegt professor scheikunde Leo Goeyens (VUB), die als voormalig hoofd van het Wetenschappelijk Instituut Volksgezondheid het onderzoek heeft geleid. Hoge dosissen dioxine kunnen onder meer kanker, maag-, lever- en darmproblemen veroorzaken, alsook ontwikkelingsstoornissen en hormonale afwijkingen. ‘Wie zo n eitje per maand eet, loopt geen gezondheidsgevaar’, zegt Goeyens. ‘Maar wie elke dag twee tot drie zulke eitjes eet, waarschijnlijk wel.’

Bon. Eens mijn eigen kippen risico-analyseren.

Historische vervuiling ( als op een stuk grond waarop je kippen lopen vroeger bijvoorbeeld vaak tuin- of huisafval werd verbrand, zitten er in de grond nog massaal veel rest-dioxines).
Geen idee. Maar het was hier vroeger een keuterboertje, en al een jaar of 20 tuin/bos. Rondom graasweien. Dat zal dus wel meevallen.

DDT (al lang verboden, maar soms nog aanwezig in de bodem)
Geen idee. ’t Valt niet uit te sluiten dat er vroeger een boer op zat die kwistig met DDT omsprong.

Verbranding
Ik verbrand soms wel eens wat snoeiafval achterin de tuin. Foei! Maar niet als de wind in de richting van ons huis of dat van de buren staat. Daar ga ik zeker meer op gaan letten.

Aanvoer van as
Nope.

Verbrandingsovens.
Daar zitten we goed. Geen dergelijke installatie in de wijde omtrek.

Nabijheid van een drukke weg.
Dichtste drukke weg (N42 – Wetteren-Geraardsbergen) ligt op een kilometer afstand. Valt ook wel mee.

Gras of zand in plaats van aarde in de kippenren
Vorig jaar was het gras, maar na n jaar kippen is het ver zoeken naar een spier gras op hun stukje. Vermits het kippenhok verplaatsbaar is, misschien een goed idee om nog enkele kippenrennen bij te maken, en onze dames dan van tijd tot tijd eens te verplaatsen.

Consumptie
Zelf komen we zeker niet aan twee eieren per dag. Met het hele gezin gebruiken we op een week niet meer dan een tiental eieren. We hebben bijna elke dag drie eieren, zodat we zeer kwistig uitdelen aan familie, collega’s en buren. Eens zien of die de eitjes nog gaan willen!

Voedsel
Legkorrels van de Aveve. Mas en andere graantjes van de boer. En uiteraard keukenafval. Ook soms vleesrestjes e.d. Dat blijft er vanaf nu uit.

Bleh. Ben er toch even niet goed van. Weeral zo iets dat in je achterhoofd gaat blijven sluimeren, zo’n kankertje lang voor het kanker is.

update: VELT (Vereniging Ecologisch Leven en Tuinieren) reageert, naar eigen zeggen overspoeld door vragen vandaag. Hun remedies:

  • Beperk je afvalberg. Weer vooral plastic en doe aan afvalscheiding. Huisvuil illegaal in je tuin of kachel verbranden is zeer slecht, je geeft je buurt zo een gifbehandeling! Stook enkel onbehandeld hout in je kachel en kies voor een model met optimale verbranding.
  • Het dioxine zit in de grond. Probeer dus te vermijden dat je kip veel in de grond pikt. Voer ze binnen in hun hok, op een verharde vloer. Groenteafval kan je ook buiten op een verharde oppervlak uitstrooien. Kies voor kippenvoer zonder diermeel in. Hou niet teveel kippen, laat ze bij voorkeur op een grasveld lopen. Met een uitloop van 25 vierkante meter uitloop per kip kan er gras groeien. Als je niet teveel kippen hebt, zal je ook niet teveel eierproductie hebben. Koop een deel van je eieren aan.
  • Groenten. Groenten nemen weinig dioxine op uit de grond. Je kan dus zonder problemen zelf gekweekte groenten eten. Strooi geen as van behandeld hout of steenkool in de tuin. Was de groenten. Dat geldt ook voor groenten uit de commercile tuin- en akkerbouw.
  • Eet meer groenten en fruit en minder dierlijke producten (vlees, eieren, zuivel), waar in het vet dioxines kunnen zitten.

update: Bart, van Eigenwijze Tuin, was een van de mensen waar de stalen van dit onderzoek werden genomen. Zijn relaas hier, hier en hier.


mrt 31 2008

Naar de botten

Net nog eens van tuinsafari gedaan. Het voordeel van een grote wilde tuin als de onze (4000m2 tuin, groententuin, huis, schapenwei en vijver + 2000 m2 bos) is dat er precies wel altijd iets te ontdekkenn is.
Weinig nieuwe bloemen sinds de vorige fotosafari met Pasen, des te meer botten. Al dat fris groen, ook een plezier om naar te kijken. Teer, maar toch vastbesloten en onstuitbaar.

Haagbeuk
Haagbeuk

20080331-_DSC1377
Een mij onbekende struik, met bijna gele blaadjes

Kersen in bot
Kersenboom, met spin

Brem
Brem

Zwarte bes
Zwarte bes


mrt 23 2008

Paasbloemen

Narcis / Daffodils / Narcissus

Paasbloem.
Traditioneel de narcis.
Maar ik vind ze “te”.
Te geel. Te groot. Te geweldig. En hier ten huize: Te veel.

Liever nomineer ik deze:

Speenkruid / Ranunculus ficaria

Speenkruid.
Misschien ook iets te geel?

Of, deze lentebrenger:

Bosanemoon / Anemone nemorosa

De bosanemoon (hopelijk wordt AnneTanne nu niet te jaloers). Vormt prachtige tapijten onder de oudste bomen in ons bos.
Te wit?

Of deze:

Slanke sleutelbloem / primula elatior

De slanke sleutelbloem.
De juiste paaskleuren. Maar niet zo opdringerig. Fijn. Vrolijk maar niet te.
Yep. Deze heeft mijn stem.


mrt 18 2008

Paddenpaartijd

Ik wist wel dat de Paddenstraat hier niet ver van Balegem vandaan ligt (voor de niet-ingewijden: dit is een voor wielerliefhebbers overbekende kasseistrook in buurgemeente Velzeke, waar onder andere de Omloop Het Volk en de koers der koersen de Ronde van Vlaanderen elk jaar passeren), maar dat blijkt ook nu ook uit de feiten: onze vijver krioelt plotseling van de padden. “Doing their dirty stuff”. Sex met paddo’s.

Paddenpaartijd

Ik was hier wel al eens een paar padden tegengekomen: als ik in ons bosje een boomstam verleg, of een steen ophef tref ik er wel eens eentje aan. Maar nu hebben ze dus duidelijk verzamelen geblazen, en kan ik inschatten hoeveel er hier wel zitten.
Op zijn minst een stuk of 50 zitten er aan de zonnigste kant van onze uit de kluiten gewassen vijver lustig te “croaken” en te seksen in hun favoriete standje: altijd de vrouw bovenop het mannetje, waarbij hij de eitjes bevrucht die er bij haar in een lang lint uitkomen. In de biologie hebben ze voor dat nummertje ook een naam gevonden: amplexus (omarming).

Kikkersoep

Het lijkt wel kikkersoep. Toch heb ik kikkerpaartijd precies gemist toen ik op skireis was. Ik zie tussen de parende padden (zou dat een “Suske en Wiske”-album zijn?) immers geen kikkers zitten, maar er ligt wel al heel wat kikkerdril te broeden in de waterplanten.

Tip: Je kan paddendril en kikkerdril makkelijk uit elkaar houden: kikkerdril zit in een grijze massa – met zwarte puntjes die gaan uitgroeien tot dikkopjes en later kikkervisjes en kikkers – in een klont bijeen, paddeneieren hangen in lange slierten in het water. Op deze foto zie je de twee bijeen:

Paddenpaartijd

En hier een betere blik op “toadspawn”, de eiersnoeren van een pad:

Toadspawn

Padden leven buiten de paartijd niet in het water, ze schuilen overdag ondergrond of beschutting en gaan bij schemering of ’s nachts op pad om slakken, insecten, spinnen, larven en zelfs eens een onvoorzichtige muis binnen te slokken. Best nuttige dieren dus. Best nuttige bewoners dus van onze minizoo. Ze worden op hun beurt gegeten door egels of kleine slangetjes (de enige die het gif uit klieren achter hun ogen kunnen verdragen).

Overigens: een pad heeft geen wratten, die dingen op zijn rug zien er alleen een beetje zo uit. Wratten worden veroorzaakt door een virus en gaan over van mens op mens. De wratten op een pad zijn een natuurlijk onderdeel van zijn huid. Niet besmettelijk. Je kan ze zonder gevaar oppakken.

Nog meer eergisteren en vanmorgen gemaakte fotootjes:

Paddenpaartijd Paddenpaartijd Paddenpaartijd A toad in toadspawn Paddenpaartijd


Dit was pagina 3 van 5« 12345