aug 22 2010

Leonard Cohen in Gent

Perfect dagje, tweeterde ik vrijdag:

Voor Antwerpenaren: de reuzen. Voor jongeren: mooi weer. Voor oudere jongeren: Pukkelpop. Voor oudere ouderen: Leonard Cohen. Perfect dagje.

Goed en wel, maar dan wel een perfect dagje, dat eindigde in tranen. Van straattheater-chauvinisme voor A’pen, van zonnebrand zonder zonnecrème, van zelfmoordartiesten op parkings in Kiewit. En van ontroering bij het concert van de Canadese dichter/muzikant in Gent.

Het begon nochtans allemaal redelijk geriatrisch.

Een 100% gezeten publiek (mét kussentjes van De Standaard voor onder de uitgezakte poep), een superstatische setting op het podium, het volume op “zachtjes”, en ticketprijzen voor babyboomers.
Het leverde een publiek waar ik graag een enquête onder gehouden had, met twee vragen:
a) was u erbij in Woodstock?
b) was u erbij vorige week op Rimpelrock?
Waarbij ik zou verwachten dat de twee vragen samen bij ongeveer driekwart van de aanwezigen een “ja” had opgeleverd.
En een vijfenzeventigjarige met een hoedje aan de micro.

Maar zodra Leonard begon te zingen, waren de ouderdomstwijfels weg. Hoe kan het ook anders, als je opent met “Dance me to the end of love“, “The future“, “Bird on the wire“, “Everybody knows“, “In My Secret Life” en “Who By Fire” en ook op vijfenzeventig nog een stem heb die harten doet smelten. En een groep bijhebt met zéér straffe muzikanten.

Kleine inzinking wel, met “The Darkness” en “Born in Chains“, maar toch mooi de pauze in met een straf “Chelsea Hotel” en “Anthem“, en een in het verdwijnende licht steeds sprookjesachtiger worden Sint-Pieters-plein.

The weather has healed. It’s a great honor to play for such a warm public sitting in grace of the weather, in peace. Thank you so much friends, we are so privileged to be able to gather in moments like this when so much of the world is plunged in darkness and chaos and suffering. So ring the bells that still can ring, forget your perfect offering, there is a crack in everything, that’s how the light gets in.

Profetische woorden, want na de pauze was het dus niet bepaald perfect (“forget your perfect offering”), met erg kabbelende versies van “Tower Of Song“, “Suzanne“, “Sisters Of Mercy“, “The Gypsy’s Wife“, en “Feel so good“. De achtergrondzangeressen irriteerden met hun onophoudelijk ooeeeh’en, als een kok die chocoladesaus op àl zijn gerechten giet.
Met een valse noot (“there’s a crack in everything”) in de vorm van “Bourbon Street“.
En met het licht, stralend licht (“that’s how the light gets in”), in de vorm van “The Partisan” en “Take this waltz“.

En dan de bissen nog (“So Long Marianne“, “First We Take Manhattan“, “Famous Blue Raincoat“, “Closing Time“) en de hemel helemaal openging. Om L. Cohen op te nemen, ze leek het wel bij “If it be your will“. En tranen vloeiden.

Kortom: of hoe een kranig concertje een kraan van een concert werd.

  • Ivan Deboom

    Instemmend geknik. Ik heb er ook ongelooflijk van genoten.

  • Ivan Deboom

    Instemmend geknik. Ik heb er ook ongelooflijk van genoten.


En nu?

En, voor u het vergeet, steek zeker mijn mijn RSS in uw favoriete feedreader. Je kan je ook abonneren op updates via e-mail, facebook, twitter...