Popfunk uit Schotland, een verhaal van net niet.

3 mannen van Love And Money waren in begin van de jaren 80 actief in New Wave achtig groepje Friends Again. Ze hadden net niet een hitje met het Aztec Camera-erige State of Art.

Maar toen Friends Again uiteen ging en Love And Money werd zag Mercury brood in hen en smeet een topbudget richting hun hoofd, met productie door Duran Duran’s Andy Taylor, voor INXS-achtige “Candybar Express”. Maar dat werd het helemaal (net) niet.

Maar Mercury gaf nog niet op, want met Toto-drummer Jeff Porcaro en Steely Dan-producer Gary Katz kwam er in ’88 een nieuwe LP “Strange Kind of Love”. Met vier singles die dus net niet de top 40 haalden in de UK. Hoogste kwam deze Halleluiah Man nog.

En na de wel goeie kritieken kwam er een nog soberder album in 1991 “Dogs in The Traffic” met nòg betere kritieken (Scotsman zette het op 30 in de beste Schotse LP’s aller tijden) maar ook dat zorgde net niet voor een doorbraak.

Platenfirma had inmiddels 7 miljoen pond schuld aan de groep. En dat was net niet te weinig om verder te doen. Volgden nog een paar reünies die net niet een nieuwe vlucht namen en een solocarrière voor zanger James Grant die hem net niet een beroemdheid in Schotland maakte.

Maar “Halleluiah Man” (of “Strange Kind of Love” van dezelfde LP) had het eventueel wel kunnen zijn. Net misschien. Voor de liefhebbers van Prefab Sprout en World Party en Level 42 of zo. Net niet een one hit wonder. 3/5